Interview Lars Hopman

Naam: Lars Hopman
Leeftijd: 20 jaar
Komt uit: Amersfoort
Bestemming: Seoul in Zuid-Korea
Bijzonder: Werkte bij een project dat Koreaanse ouderen en studenten stimuleerde om elkaar vaker te ontmoeten en van elkaar te leren.

“Tijdens het eten je mobieltje pakken is een no go in Zuid-Korea.”

Lars Hopman (20) liep tien weken stage in Seoul in Zuid-Korea. Hij kreeg te maken met cultuurverschillen bij het werken, dineren en e-mailen. "Ik heb geleerd dat de Nederlandse aanpak niet altijd de beste manier is."    

Zijn grootste cultuurshock beleefde Lars Hopman in Zuid-Korea toen hij in een winkel een deur opende voor een vrouw met een kinderwagen. “Het waren twee klapdeuren, ik hield er eentje open, zodat zij makkelijk kon doorlopen.” Maar de vrouw dacht daar anders over. Ze opende de andere klapdeur, duwde de kinderwagen daar doorheen en keurde Lars geen blik waardig. "Later hoorde ik dat Zuid-Koreanen liever geen contact hebben met vreemden op straat, een deur openhouden voor iemand die je niet kent wordt als onbeleefd gezien.” 
Lars liep in totaal tien weken stage in de Zuid-Koreaanse hoofdstad Seoul voor zijn opleiding toegepaste gerontologie (een studie waarbij je leert om samen met ouderen producten en diensten te ontwikkelen). Zuid Korea was voor hem de perfecte plek om werkervaring op te doen. De vergrijzing is in het Aziatische land namelijk nog groter dan in Nederland. In 2050 is waarschijnlijk één op de drie Zuid-Koreanen boven de 65 jaar.  “De overheid is daarom veel bezig met de vraag: hoe houd je die mensen zo veel mogelijk betrokken bij de maatschappij? Ik hielp bij een project waarbij ouderen en studenten worden gestimuleerd om elkaar te ontmoeten en van elkaar te leren. Het idee is dat ze bijvoorbeeld samen gaan wandelen, koffie drinken, of een gezamenlijke hobby uitoefenen." 
Lars zag het Zuid-Koreaanse project als een unieke kans om werkervaring op te doen. “Ik wilde al heel lang naar het buitenland. Dat was vooral een gevoel: ik wilde eruit, mezelf ontwikkelen. Ik vroeg me af hoe het zou zijn om te werken in een omgeving en een cultuur die ik niet kende. Nou, dat heb ik geweten."

Sterke hiërarchie
Al snel liep Lars tegen de eerste uitdagingen aan bij zijn stage. Toen hij ouderen wilde uitnodigen voor een brainstorm over het project, bleek dat niet zo makkelijk.  "Ten eerste spraken ze meestal geen Engels. Ik ging samen met een tolk naar buurthuizen, muziekscholen en andere plekken waar veel ouderen kwamen. Maar de taal bleef een barrière, als je via een tolk communiceert, is dat in het begin onwennig." Daarnaast waren de mensen die hij aansprak meestal niet meteen bereid om mee te werken. In Zuid-Korea heerst een sterke hiërarchie waarbij ouderen iets hoger op de sociale ladder staan dan jongeren. "In de metro staat iedereen op voor ouderen. Als twintigjarige kon ik ook niet zomaar met ze in gesprek gaan. Hun houding was: wat wil je van me? Waarom zou ik met jou moeten meewerken?"
Na de eerste ontmoetingen moest hij vaak eindeloos mailen met de ouderen voordat ze met hem wilde afspreken. "Hier in Nederland stuur je iemand een mail met 'ik ben Lars, zullen we afspreken', en dan is het vaak al geregeld. In Zuid-Korea werkt dat niet zo. De ouderen wilden eerst precies weten wat ik van ze wilde en hoeveel tijd het zou kosten. Dat was in het begin frustrerend." 
Maar beetje bij beetje begon Lars de cultuur beter te begrijpen. Inmiddels betwijfelt hij zelfs of de Nederlandse manier van afspreken wel zo handig is. "In Nederland bereiden we gesprekken soms niet zo goed voor. Je gaat gewoon met elkaar om de tafel zitten. Maar daardoor verdoe je soms veel tijd, omdat je niet precies weet wat je van elkaar wilt. Wat dat betreft is de Zuid-Koreaanse methode efficiënter." 
Lars kreeg uiteindelijk enkele tientallen gepensioneerden en jongeren zo ver om samen te brainstormen over zijn project. In het begin liepen de gesprekken nog stroef. "De jongeren en ouderen keken elkaar afwachtend aan. Ik moest veel vragen stellen. Toen vertelde ik hoe ik in Nederland met mijn opa en oma omga – dat ik veel respect voor ze heb, maar wel vrijuit met ze praat. Vanaf dat moment ging het beter. Opeens ontstonden er gesprekken en discussies." 

Korean Barbecue
De deelnemers aan de brainstormsessies bedachten onder Lars leiding verschillende ideeën om jong en oud in Zuid-Korea met elkaar in contact te brengen. "De studenten vertelden bijvoorbeeld dat ze soms moeite hebben met de druk in Zuid-Korea om te moeten presteren op school. Ze zouden graag af en toe een gesprek hebben met ouderen en horen hoe zij het vroeger aanpakten. De ouderen zouden graag jongeren ontmoeten die dezelfde hobby hadden, bijvoorbeeld fotograferen." 
Zijn stage was juist door de aanvankelijke strubbelingen een geweldige leerschool, vindt Lars. "Ik ben beter geworden in het leggen van contacten met mensen uit andere culturen. Mijn netwerkvaardigheden zijn sterk vooruit gegaan, net als mijn Engels, want dat sprak ik veel. Ik denk dat ik de rest van mijn carrière zal profiteren van mijn buitenlandervaring." 
Ook in zijn vrije tijd leerde hij van de Zuid-Koreanen, bijvoorbeeld over etiquette tijdens het eten. "We hielden vaak een Korean Barbecue waarbij we vlees op een binnenbarbecue braden en met elkaar deelden. De telefoons moesten dan echt aan de kant. Tijdens het eten je mobieltje pakken zoals wij in Nederland soms doen, is een no go in Zuid-Korea. Je richt je op het eten en elkaar." 

Heimwee
Af en toe hing Lars ook de toerist uit. Met andere buitenlandse studenten bezocht hij verschillende steden en eilanden in Zuid-Korea. Ook zat hij op de tribune bij een baseballwedstrijd. "Als je naar het buitenland gaat, denk je misschien: hoe ontmoet ik mensen? Ik ken niemand. Maar iedereen die in het buitenland studeert of stage loopt, wil iets van het land zien, dus je hebt al snel een groep studenten met wie je leuke uitjes kan maken." 
Zijn familieleden en vrienden heeft Lars nauwelijks gemist in Zuid-Korea. Hij zag ze namelijk regelmatig. "Ik heb veel geskypt en geappt. Sommige mensen sprak ik misschien wel vaker dan ik wanneer in Nederland ben. Hier vertel ik niet elke avond wat ik heb gedaan aan mijn familie. Kortom: ik heb absoluut geen heimwee gehad. Met de moderne communicatiemiddelen is er eigenlijk geen enkele reden meer om niet naar het buitenland te gaan als student."